Na de training

Tvoo, maart 2013

Soms voel ik me na een training net een hoer. Dat gevoel deel ik natuurlijk alleen met dierbaren, want het is geen net woord. Het voelt ook alsof ik een grens overschrijd door het zo te laten afdrukken in een column. Maar er is geen ander woord dat de lading zó goed dekt: de lading van een training lang zwoegen, terwijl er geen leervraag is; van je uitsloven voor deelnemers die alle feedback terugkaatsen en je blik vermijden; van jezelf helemaal geven terwijl je er niets anders aan overhoudt dan een factuur. Ik voel me dan net een hoer: gewerkt voor het geld, maar zonder echt plezier, zonder echte bevrediging.

Dan zie ik de uitzending ‘Help, een hoer in de klas’. Daarin vertelt een prostituee, Josje, scholieren en studenten over haar werk. Het is een prachtig programma, omdat je ziet hoe ze een klas vol geschokte pubers meeneemt in haar verhaal. Josje is begripvol voor de weerstand, heeft veel humor en staat voor haar boodschap. Net een trainer eigenlijk.

Haar boodschap mag er zijn: ze geniet van haar werk en heeft er lol in om klanten te laten vertrekken met een smile op hun gezicht. Ze doet vooral die dingen die ze zelf ook leuk en spannend vindt. En ze houdt van haar klanten – nou ja, geen echte liefde natuurlijk, maar toch. Precies zoals ik over mijn vak denk.

En Josje is er voor iedereen natuurlijk: wie wil, mag bij haar binnen. Logisch toch? Ze zit daar achter het raam zichzelf te verkopen, dus is ze blij met iedereen. Voor elke klant gaat ze even hard.

Nee dus. Josje weigert 70% van alle mensen die bij haar aankloppen. Klanten die hun zonnebril niet afdoen, haar respectloos behandelen of ‘gewoon niet goed voelen’, komen er niet in. Met de 30% die overblijft, gaat het vaak goed. Soms valt een klant toch tegen en dan zet ze hem er alsnog uit. Dat doet ze trouwens heel elegant: ‘Het ligt niet aan jou, maar aan mij.’ Je ziet hoe het beeld in de klas verschuift: van iemand die zich lijdzaam ‘laat neuken’, zoals een leerling zegt, naar degene die de touwtjes in handen heeft.

Is Josje nu net een trainer? Ja en nee. Ik weiger bijvoorbeeld ook klanten. Geen 70%, maar met een strenge selectie aan de poort heb ik geen moeite. Zo had ik deze week nog een manager van verkooptrainers aan de lijn die zijn trainers een dagje wilde leren ontwerpen. Ik zag de meerwaarde er niet van in, dus dat werd nee.

Maar als de deelnemers eenmaal binnen zijn, wordt het een ander verhaal. Dan vind ik het mijn vak om ze mee te krijgen. Denkt iemand alles al te kunnen: hoe krijg ik hem aan het leren? Voelt de sfeer wat gespannen: hoe krijg ik die beter? In 22 jaar trainen, heb ik zegge en schrijve één keer iemand de wacht aangezegd. En paradoxaal genoeg leidde dat juist tot beter contact en echt leren.

Dus als deelnemers eenmaal binnen zijn is het echt taboe om ze eruit te zetten. Dat doe je toch niet! ‘Een goede trainer krijgt elke deelnemer mee!’ Wat een hoogmoed denk ik, als ik weer thuis zit en het niet is gelukt. Maar tijdens de training ga ik ervoor. Dan zwoeg ik door terwijl de leervraag maar niet komt. Sloof ik me uit terwijl de feedback niet aankomt. Realiseer ik me niet tijdens de training dat de enige bevrediging de factuur wordt. En voel me dan na afloop dus soms net… … uh… geen hoer.

–  /  –  /  –

Wil je de uitzending met Josje bekijken? Klik op het scherm hieronder.

Get Microsoft SilverlightBekijk de video in andere formaten.

6 reacties op to Na de training
  1. floor de groot schreef:

    Beste Karin,

    Geweldig verhaal. Vanmorgen toen ik naar mijn werk fietste, fietste ik langs een huis, en daar lag op een kussentje in de zon een poes te slapen. ik dacht, o dat zou ik ook wel eens willen. Gewoon net als een poes, een hele dag op een kussentje zitten/liggen, lekker in de zon, voor het raam. Welk beroep past daarb…

    Goed. Ik ga nu niet de uitzending bekijken en wél weer verder schrijven aan een veel te late reflectie-opdracht. Heb veel zin in donderdag en vrijdag!
    Groet, Floor

  2. annemiek schreef:

    Hoi Karin,

    Wat haal je er weer een mooi fragment bij! Zoals Josje voor de klas zit en met haar klanten omgaat is een prachtig voorbeeld van professionele liefde. Maar ook van een mooie balans tussen persoon en beroepshouding. Ik zal wat vaker aan Josje denken als ik training geef.

    Groet,
    Annemiek

  3. Gerben van Belzen schreef:

    Dag Karin,

    Leuke blog. De boodschap is me echter niet geheel duidelijk na het lezen ervan.

    Ik begrijp dat je niet alle opdrachtgevers moet willen, dus dat betekent vooraf nee zeggen om mogelijk te verwachten problemen achteraf te voorkomen.

    Wat je boodschap is tav deelnemers die echt niet willen, komt in mijn optiek te weinig naar voren. Wel of niet de wacht aanzetten?

    Ben benieuwd naar je reactie.

    Hartelijke groet,

    Gerben van Belzen

  4. Loes schreef:

    Beste Karin, erg herkenbaar dit verhaal! zit net te bedenken dat trainen zo’n mooi vak is… als je tenminste je deelnemers iets kunt leren. en zo niet, dan is t alleen maar een erg vermoeiend vak. Gelukkig gebeurt het niet zo vaak, maar voor die keren dat je aleen maar heel hard aan t ‘geven’ bent, vind ik je omschrijving erg treffend 🙂

    groeten,
    Loes

  5. Karin de Galan schreef:

    Dank voor jullie reacties Floor, Loes, Gerben en Annemiek!
    Om in te gaan op de vraag van Gerben: met deze column heb ik inderdaad niet meteen een ‘how to’ boodschap. Ik vind het zo’n mooie spiegel dat de ‘echte hoer’ iets heel anders doet dan ik. Deze column is dus vooral bedoeld om aan te zetten tot nadenken. In het blad TVOO, waarin deze column ook gepubliceerd is, heb ik er trouwens wel een tool bij gezet: ‘een deelnemer aanspreken’. Dus kun je namelijk doen als je merkt dat iemand een grens overgaat. Meer daarover lees je ook op: http://www.schoolvoortraining.nl/lastige-deelnemer-aanspreken/. Maar zoals gezegd gaat het me in deze column niet direct om de adequate reactie; het gaat me meer om het gevoel dat ontstaat als iemand een grens overgaat en en je desondanks doorploetert.

  6. Harry Vlaar schreef:

    Heel herkenbaar! Ik heb het gelukkig niet zo heel vaak meer, zo’n training waar niemand iets aan heeft behalve mijn bankrekening. Bij mij is dat veel minder sinds ik in de voorbereiding een intakeprocedure doe. Hierin zet ik erop in dat de opdrachtgever (de leidinggevende meestal) aan de deelnemers duidelijk maakt waarom de training belangrijk is en haal ik leervragen vooraf op bij de cursisten. Hierdoor kan ik mijn voorbereiding er al op anticiperen als er weinig of geen leervragen zijn en in mijn aanpak juist daar aan gaan werken. Waterdicht is het niet, maar hierdoor heb ik nu hooguit één of twee keer per jaar dat afschuwelijke gevoel.